column

De wereld heeft een chronisch tekort aan ganzenbordende grootouders

Leestijd: 2 minuten

Zelf kom ik uit een warm gezin. Mijn kindertijd was fijn, maar wanneer ik daar wat langer bij stilsta was het vooral ingewikkeld. En als ik dan nog wat meer de tijd neem vooral erg traumatisch.

Er was meer dan genoeg aandacht in huis, maar de verdeling niet altijd evenredig. Mijn broer had in zijn jonge jaren veel zorg en aandacht nodig. Als peuter en kleuter leerde ik al snel hoe ik braaf moest zijn. Wat zich later ontwikkelde tot ‘wegcijfer specialist’; iets waar ik nu nog aan werk.

Ziek zijn, nog zieker worden, randje van de dood en weer opkrabbelen zaten in onze dagelijkse routine. Een aandacht slurpende activiteit; logisch.

Soms, heel soms, was ik zelf ziek. Anders ziek. Maar toch.
Als ik ziek was, werd ik in de watten gelegd. Dekbed op de bank, lekker thuisblijven én steevast bezoek van Opa en Oma; helemaal speciaal voor mij.
Een aai over je bol van haar en grapjes van hem, een verse kop soep en een warme kruik en ik knapte zienderogen op. Afsluiten met een puzzel of een spelletje en ik kon er weer tegen aan.

Aandacht. In optima forma.

Huilend rij ik net naar huis wanneer ik op de radio hoor dat kinderen worden aangewezen als potentieel gevaar voor hun grootouders. Dat beiden het idee hebben levensgevaarlijk te zijn voor elkaar. Ik kan mijn tranen niet bedwingen, omdat juist op die momenten mijn mooiste jeugdherinneringen zijn ontstaan.

Nooit heb ik mij afgevraagd als klein meisje of ik ze wel moest bellen om te vragen om te komen, en nooit hebben zij een minuut getwijfeld om mijn koorts weg te komen ganzenborden.

Ik verlang iedere dag steeds meer naar een bezoek aan hen en de onschuld aan de grote eikenhouten tafel in de woonkamer. Met frietjes chips in van die groene glazen bakjes en een oneindige voorraad Tucjes met hier en daar een stiekeme kersenbonbon.
Urenlang ganzenborden en schateren van het lachen.
Ik mis ze, was ik nog maar een kind. 

Er gaat bijna geen dag voorbij dat ik denk: “Was ik maar weer even daar.” Samen dobbelen en roepen “niet in de puuut!”.

Maar, nu ben ik niet ziek. Nu is de wereld ziek. 
Daar kan geen ganzenbordende grootouder meer tegenop.

Milou van Hassel
Milou heeft 30.000 volgers op Linked-in. Dat is niet voor niets. Ze is scherp, duidelijk, recht voor haar raap. Ze houdt zich al jaren bezig met sales, marketing en (personal) branding en lanceerde in 2020 haar eigen bedrijf Blue Flamingooo en de podcast 'Worth the Hassel'. Voor FEEM Magazine schrijft ze elke maand een column waarin we kunnen meegenieten van haar kijk op de wereld.

Ook boeiend

Meer columns

MEEST BEKEKEN

Yvonne van Balkom vrouwelijke ondernemers

Vrouwelijke ondernemers zijn cruciaal voor een mooiere wereld

3
Inmiddels ben ik zestien jaar ondernemer. In mijn ondernemerschap kon ik altijd mijn passies en talenten inzetten. Maar vier jaar geleden bekroop me een...

Dorien volgde een Creatrix-traject. “Je voelt je bijna lullig, want wát...

0
DE METHODE VAN DEZE WEEK: Creatrix Het is een methodiek, speciaal ontwikkeld voor vrouwen. Creatrix haalt overtuigingen die in je (onderbewuste) systeem zitten weg. Je...
Glancy is niet meer financieel afhankelijk

“Beslag op mijn huis! Ik wil nooit meer financieel afhankelijk zijn.”

0
Businesscoach Glancy van Elst heeft een winstgevend bedrijf waarin ze vrouwen helpt bij het opzetten van een onderneming vanuit hun zielsmissie. Maar winstgevend is...

Het beste van FEEM wekelijks in je mail?